De twaalf werken van Walter De Bock - Revisisted

Vorige week (20/11/07) overleed onderzoeksjournalist Walter De Bock op 61-jarige leeftijd. Het gros van zijn carrière werkte hij voor de krant De Morgen. Hugo Camps noemde hem in een ontroerend in memoriam-stukje de man van de achtegrond, aristocraat van de waarheid. "De krant was zijn leven. Zijn hartstocht voor het vrije woord was onblusbaar. Tot het zachtjes begon te sneeuwen in zijn hoofd." Walter De Bock leed aan de ziekte van Alzheimer.

Georges Timmerman van De Morgen bracht in de weekend-bijlage Reporter van De Morgen, op zijn manier, eveneens hulde aan zijn overleden collega onderzoeksjournalist van wie hij 'de stiel' leerde en waarmee hij samen enkele memorabele dossiers schreef. Onder andere over de normenvervaging en corruptie in de jaren negentig bij een aantal SP.a-kopstukken, zoals ex SP.a-minister Willy Claes. Die waren in de jaren negentig van vorige eeuw in opspraak gekomen als gevolg van de Augusta/Dassault-smeergeldaffaires. De Bock en Timmerman werkten zowat een jaar, quasi full time, aan de toenmalige reeks over de Augusta/Dassault-zaak en haar uitlopers naar de socialistische partij. Claes schold destijds tijdens een telefoongesprek de twee journalisten uit voor "gemanipuleerde smeerlappen" en smeet toen de hoorn op de haak. Claes en twaalf andere medebeklaagden werden later door de rechtbank schuldig bevonden aan de ten laste gelegde feiten (o.a. corruptie). Cassatie bevestigde later die uitspraak met betrekking tot Willy Claes. Maar die trok, samen met nog zes andere veroordeelden, naar Straatsburg omdat hij naar eigen zeggen 'geen eerlijk proces' kreeg.  Het Europees Hof oordeelde dat Claes wel degelijk een correct proces kreeg. Idem dito voor Guy Coëme.

Het artikel De twaalf werken van Walter De Bock (De Morgen van 24/11/2007) van de hand van Georges Timmerman bevat echter een aantal spijtige feitelijke onjuistheden. Het artikel van Walter De Bock over de financiers van koning Leopold I verscheen, in tegenstelling tot wat Timmerman stelt, niet oorspronkelijk in ‘Les Cahiers Marxistes’ maar als meerdelige serie in Knack (in de periode oktober-november 1975). In 1980 werd het dan in een grondig herziene en aangevulde versie, in het Frans, gepubliceerd, in het Franstalige tijdschrift Contradictions (nr 23/24). In 2005 werd een ingekorte versie van de serie, zoals door Timmerman correct vermeld, opnieuw gepubliceerd in Knack. Kijk er maar eens de auteurslijst van ‘Les Cahiers Marxistes’ op na op www.ulb.ac.be/socio/cmarx.

Tevens is het ook niet juist dat het boek ‘Suikerbossie’ (wat Walter De Bock in 1978 samen schreef met zijn toenmalige De Morgen-collega’s Jef Coeck en Paul Goossens en met ex ANC-militant Maurice Mthombeni) verscheen bij uitgeverij EPO. Het boek (over de pro-apartheidslobby in Vlaanderen) werd uitgegeven door Manteau. Nog dat zelfde jaar werd de zogenaamde dossierreeks van Manteau overgenomen door EPO (die toen nog volluit Education Prolétarienne/Proletariese Opvoeding - op die manier geschreven - heette en gelieerd was met het toenmalige Amada, net zoals EPO dat vandaag is met de Partij van de Arbeid). Het eerste heuse EPO-dossier (De ambtelijke kolos) verscheen dat zelfde jaar en was geschreven door Paul Koeck en Eddie Vaes.

In het artikel wordt ook gesteld dat “zeer recente informatie er lijkt op te wijzen dat de bewuste nota waarmee alles begon gemanipuleerd werd op het kabinet van toenmalige minister van Justitie Philippe Moureaux”. Recente informatie?  Christian Carperntier en Frédéric Moser toonden reeds in 1993 aan - in hun boek ‘La securité de l’Etat. Histoire d'une déstabilisation’ (in 1994 bij Kritak verschenen in het Nederlands) - dat die bewuste nota, die De Bock publiceerde in De Morgen van 19 mei 1981, een compilatiedocument was opgesteld door een kabinetslid (Jacques de Vlieghere) en gebaseerd op informatie afkomstig van drie verschillende documenten (niet enkel van de staatsveiligheid). De auteurs releveerden in hun boek dat de nota een grove vertalingsfout bevatte die gevolgen had voor de inhoud van de notitie, fout die te wijten aan de nederlandsonkundigheid van de Vlieghere. Bovendien was de informatie over de Bonvoisin in de nota in veel minder voorzichtige en voorwaardelijke termen geformuleerd dan in de brondocumenten. Manipulatie of gewoonweg een menselijke fout? Feit is dat Walter De Bock reeds de dag na zijn onthulling van het bestaan van die nota uitpakte met een lijst van fouten die ze bevatte, ook met betrekking tot Benoît de Bonvoisin . 

Tot slot klopt het ook niet (helemaal) dat baron de Bonvoisin “over de hele lijn gelijk kreeg van de rechtbanken”. De uitspraak van 12 mei 2000 van de vierde kamer van het Hof van Beroep van Bergen deed dat enkel voor elementen in het dossier van de uitgeverij Cidep en oordeelde dat de feiten in het dossier m.b.t. de firma PDG verjaard waren. Cidep en PDG waren twee bedrijven die in de door De Bock uitgebrachte nota (afkomstig van het kabinet van Philippe Moureaux) ter sprake kwamen en waarmee/waarlangs de Bonvoisin zo gezegd twee extreem-rechtse organisaties financierde (het maandblad Nouvel Europe Magazine en het Front de la Jeunesse). Het verschil tussen vrijspraak en geen uitspraak wegens verjaring is geen onbelangrijke nuance. Daar weet onder meer Noël Slangen over mee te praten.

Deze kantekeningen bij het artikel van Timmerman doen evenwel niets af aan de essentie er van: een handzaam overzicht van de belangrijkste onthullingen van een verdienstelijk onderzoeksjournalist. Daarbij werden een aantal delikate zaken zoals fouten in de berichtgeving van De Bock - al dan niet wegens manipulatie en het gebruik van vervalste documenten door bepaalde van zijn bronnen -  niet uit de weg gegaan. Want uiteraard maakte De Bock in zijn carrière fouten. Onderzoeksjournalistiek is immers geen exacte wetenschap.

Echt gekend heb ik Walter De Bock niet. Ik heb hem slechts twee keer ontmoet (de tweede en laatste keer tijdens het congres van de Vereniging van Onderzoeksjournalisten, in 2002 in Nederland), een paar keer gemaild en een enkele keer via de telefoon gesproken. Maar zijn artikelen, zeg maar ‘oeuvre’, ken ik des te meer. De meeste van zijn boeken, ook die waar hij als coauteur aan meewerkte, staan in mijn boekenkast. De belangrijkste van zijn artikelen en dossiers zitten in mijn knipselmappen. De Bock publiceerde regelmatig reeksen van artikels, zoals bijvoorbeeld die over Tractebel in Kazachstan i.s.m. Walter Pauli – zijn laatste journalistieke wapenfeit en tevens het laatste uitgebreide en diepgravende onderzoeksdossier dat in De Morgen verscheen; sindsdien ligt de lat terzake heel wat lager.

Zijn journalistieke werk is van onschatbare waarde (geweest), voor Vlaanderen/België in het algemeen en voor mezelf in het bijzonder. Samen met Maurice De Wilde heeft Walter er voor gezorgd dat ik (het belang van) de onderzoeksjournalistiek erg hoog ben gaan waarderen en er me, in zeer bescheiden mate, zo nu en dan aan waagde. Op mijn professionele blog ging ik recentelijk ietwat dieper in op de persoon Maurice De Wilde en de wijze waarop hij mijn opvattingen over journalistiek mede bepaalde. Eerder (in 2006) lichtte ik in een blog toe hoe Josephine Overeem, de oprichtster en voormalige eigenaar van het reclamevakblad Pub, dat ook heeft gedaan.

Bij deze wens ik de partner, kinderen, familie en andere naasten van Walter De Bock veel sterkte en troost bij het verwerken van hun verdriet. Een letterlijk en figuurlijk groot man/mens is heengegaan. Dat het leven van Walter De Bock (nog) tal van mensen, journalisten en anderen, (verder) moge inspireren.

 

 

 

 

26/11/2007 door Marc Ernst

Weblog van Marc Ernst

 
'Zonder dwarsliggers kunnen de treinen niet rijden' (Johan Anthierens)

'Uit het botsen der gedachten ontstaat het licht' (John Stuart Mill)

'Je mag je niet laten doen door het crapuul' (Wannes Van de Velde)

op marcernst.com
www (via google)

Blogroll

Onderstaande, Belgische, (alfabetisch gerangschikte) blogs behoren tot mijn ‘favorieten’. Want ze steken met kop en schouder uit boven de middelmaat in het genre. Wie denkt dat zijn/haar blog eveneens in kwalitatief opzicht bovenmodaal is, en dus aanspraak kan maken op een vermelding, mag me dat laten weten.